Wat zij doen …

14. Landon

Toen ik hoorde dat het volgende week ‘Bike to Work Week’ is, wist ik dat ik Landon aan zijn broek moest trekken om zijn verhaal te schrijven. Zo gezegd, zo gedaan. 🙂

Landon is een collega van manlief en in de afgelopen drie jaar heb ik best wel wat over hem geleerd. Zo zijn er maar weinig mensen die ik ken, die ik nog nooit in een auto heb gezien, maar Landon is een van hen! Hij is gek op fietsen, gepassioneerd om iedereen aan het fietsen te krijgen en de veiligheid van fietsers in Kelowna te vergroten. In het algemeen is hij eigenlijk best gepassioneerd en met zijn behoorlijk sterke meningen zou hij goed in Nederland passen. Ook ontdekte ik dat hij een groep mensen tijdens een uitgebreid diner (Kerst, werk) prima weet te entertainen met zijn verhalen.

Tijd om zijn verhaal te lezen en enthousiast te worden over de fiets als vervoermiddel naar je werk. Veel leesplezier!

Trouwens … Landon schreef zijn verhaal in het Engels, dus als je dat kunt volgen, ga vooral naar de Engelse versie van deze blog.

“Bike to Work Week
Als opgroeiende jongere in Noord-Amerika kon ik niet wachten totdat ik 16 zou worden en mijn rijbewijs mocht halen. Ik heb zelfs weleens de motor van mijn vader ‘gestolen’ zodat ik (illegaal dus) rond kon racen zonder te hoeven trappen. Nu kijk ik glimlachend terug op die naïeve houding en vraag ik me soms af wat er gebeurd zou zijn als ik toen al wist waar het leven me nu zou hebben gebracht.

De benzinemotor maakte het goedkoper om producten van de fabriek of winkel naar de klant te krijgen, maar eigenlijk heeft deze uitvinding de gemiddelde mens, waaronder ik, niet bepaald een dienst bewezen. Bike to Work Week [vertaald zoiets als: ‘Fiets naar je werk’-Week] probeert hier iets aan te doen door mensen te bemoedigen en enthousiasmeren om de auto te laten staan op momenten dat ze eigenlijk wel zonder kunnen.

post-landon-inpost

Bike to Work Week begint komende maandag [30 mei 2016] en ik doe nu voor de achtste keer mee. Elk jaar ontmoet ik nieuwe mensen die zich realiseren dat ze misschien niet zo afhankelijk zijn van de auto als vervoermiddel als ze tot dan toe dachten. Elk jaar groeit het aantal fietsers, en daarmee ook het aantal kilometers dat per fiets wordt afgelegd.

Tijdens deze week zijn er speciale plekken gecreëerd door het stadsbestuur waar mensen die de auto laten staan en kiezen voor de actievere vorm van transport per fiets, elkaar kunnen ontmoeten. Zo’n fietstochtje in de buitenlucht beïnvloedt onze lichamelijke alsook onze mentale staat. Je begint je dag op de fiets, voordat je weer aan je bureau gekluisterd zit.

En dan heb ik het nog niet eens gehad over de problemen die opgelost kunnen worden als mensen de fiets boven de auto verkiezen:
– files: vergeleken met een auto die zo’n 2 vierkante meter opeist, lijkt de ruimte op de weg voor fietsers enorm;
– broeikasgassen: een flinke kom yoghurt met muesli [de brandstof van een fietser] kost [de aarde] minder dan de benzine die je nodig hebt om naar kantoor te komen;
– gezondheid: studies wijzen uit dat zo’n 30 minuten fietsen per dag je levenskwaliteit enorm positief zal beïnvloeden.

Heb je trouwens weleens een gesprek proberen te voeren met iemand in een andere auto? Tijdens een ijskoude winterdag? Nee? Ik heb zo veel gesprekken gehad bij het stoplicht met andere fietsers die zich niet af lieten schrikken door een beetje koud weer. Er zijn geen communicatiebarrières als je fietst; je buurman is iemand met een gezicht dat niet wordt vervaagd door het raam, en een stem die niet gedempt wordt door het lawaai van de auto en het tussenliggende metaal en glas.

Fietsen heeft me het gevoel van gemeenschap teruggegeven.
De mensen naar wie ik zomaar zwaai, met wie ik oogcontact maak, of de personen die ik gedag zeg, beseffen het wellicht niet, maar
de wereld werd daarmee weer iets beter.”