Wat zij doen …

5. Annegreet

De blog van vandaag wordt verzorgd door Annegreet, die ik zo ongeveer al mijn hele leven ken. Ik heb altijd al bewondering voor haar gehad en het is bijzonder om te zien hoe zij zich steeds weer inzet voor anderen en positief weet te blijven.
Ik herinner me nog heel goed dat we, toen we nog kinderen waren, een logeerpartijtje hadden en we ’s avonds elkaar briefjes stuurden. We sliepen ieder aan een andere kant van mijn kamer, maar hadden een behoorlijk inventief post-systeem opgezet met lijntjes, kleerhangers en knijpers. En mijn ouders maar denken dat we zo lief lagen te slapen …

Het verhaal hieronder is van haar hand. Omdat haar Engels beter is dan mijn gehakkel, schreef zij haar berichtje in het Engels en heb ik dit voor jullie vertaald. Is je Engels goed? Lees dan vooral (ook) haar originele verhaal!

“Stapjes
Toen ik klein was, droomde ik over Afrika. Ik wilde verpleegster, dokter, of vroedvrouw worden en mensen leren hoe ze gezond konden leven, want ik had foto’s gezien van arme mensen die ziek waren. Het was best eenvoudig: de wereld was oneerlijk en die mensen hadden hulp nodig.
Ik groeide op en het leven gooide allerlei dingen op mijn pad. Opeens leek alles niet meer zo eenvoudig. Dromen werden op pauze gezet en later overschaduwd door nieuwe dromen of zelfs persoonlijke rampen. Ik heet geen ‘moeder Theresa’ en de wereld was gewoon te groot.

‘We know that what we are doing is just a drop in the ocean. But the ocean would be less because of that missing drop.’

Later leerde ik om kleinere stappen te zetten. Ieder mens kan een kleine stap zetten om de wereld op te vrolijken. Je hoeft niet alles in orde te maken, maar je kunt wel een lach op iemands gezicht toveren. Moeder Theresa zei het zo: ‘We know that what we are doing is just a drop in the ocean. But the ocean would be less because of that missing drop.’ (‘Wat we doen, is maar een druppel in de oceaan, maar de oceaan zou minder zijn zonder die druppel.’)

De droom om naar Afrika te gaan, heb ik dus niet zomaar laten gaan, hoewel ik uiteindelijk ook een baan in Nederland heb. Ik werk in de zorg en gebruik vakantiedagen om vrijwilligerswerk te doen in een kliniek in Liberia.

Een groot deel van het werk daar bestaat uit het screenen van mensen en ze weer naar huis sturen met de juiste medicatie. We hebben de mogelijkheid om patiënten op te vangen voor een kort verblijf, mits we ze binnen 48 uur voldoende kunnen helpen. Anders moeten ze worden overgebracht naar het ziekenhuis. Helaas biedt het ziekenhuis niet altijd betere behandeling en het is ook nog eens ver weg, dus we doen onze uiterste best iedereen in de kliniek te helpen.

Op een dag kwam er een vrouw naar ons toe. Ze had een infectie aan haar been, omdat ze enkele dagen daarvoor vast had gezeten in een hertenval. Hertenvlees is een van de voedselbronnen in het regenwoud. De val bestond uit ijzerdraad en zorgde ervoor dat ze enige tijd had gebungeld aan een boom. De draad had een flinke wond in haar been gemaakt, terwijl zij zichzelf probeerde te bevrijden. Al met al een enge en pijnlijke ervaring!

Aan het einde van de dag konden alle patiënten naar huis, met uitzondering van deze vrouw. Zij moest een nachtje blijven omdat we zeker wilden weten dat de antibiotica aan zou slaan. Bovendien had ze veel pijn aan haar been. Mijn taak zat erop voor die dag, want we konden verder niets voor haar betekenen, maar ze zag er zo verdrietig en eenzaam uit dat ik me afvroeg wat er door haar hoofd ging. Helaas sprak ze nauwelijks Engels.

post-annegreet-inpost

Ik dacht na over wat ik in haar plaats nodig zou hebben op dat moment. Ik denk dat ik gezelschap en afleiding zou kunnen gebruiken. Misschien zou wat schoon ondergoed ook wel fijn zijn, als ik ergens onverwachts een nacht moest blijven. Gelukkig was dat laatste snel te regelen en ik besloot daarna nog even bij haar te blijven. Vanwege de taalbarrière leek het me verstandig om samen iets te doen in plaats van elkaar maar aan te staren. Ik liet haar zien hoe je een vriendschapsarmbandje knoopt en ging zelf aan de slag, terwijl ik een beetje in mezelf zat te zingen. Ik voelde me een beetje ongemakkelijk: zittend naast een vreemde vrouw wiens taal ik niet sprak.

Na een tijdje zei ze: ‘My name Esther … from Cestos.’ Dat was het enige teken dat ze met me wilde praten. Toen mijn armbandje af was, knoopte ik het om haar pols en zei goedenacht. Het was het kleinst mogelijke gebaar.

Een paar dagen later kwam Esther terug bij de kliniek voor controle. Ze zag me staan, zwaaide meteen naar me en begroette me met een brede lach. Ik had haar nog niet zien lachen. Misschien heeft mijn gebaar toch geholpen.

Maakt het iets uit; de kleine stap om iemand echt te zien en te proberen op een creatieve manier contact te maken? Ik weet dat zulke momenten iets met mij doen, dus misschien geldt dat ook wel voor anderen. Misschien zijn die momenten wel groter dan ze lijken.

Mijn droom voor een betere wereld wordt een beetje tastbaarder wanneer ik mensen ontmoet die ik daadwerkelijk kan helpen. Als ik jou vandaag kan laten lachen, misschien kun jij dat dan ook voor een ander doen. Ik geloof dat een kleine stap een positief sneeuwbaleffect kan hebben.
Annegreet”

Wil je meer lezen over de belevenissen van Annegreet, onder andere in Liberia? Neem eens een kijkje op haar eigen blog! Mocht je haar financieel willen ondersteunen, neem dan contact met mij (of met haarzelf via haar blog) op voor meer informatie.